Waarom vertrekt de Curaçaose jeugd voorgoed naar Nederland?

· - leestijd 2 minuten
Afbeelding
Dick Drayer

WILLEMSTAD - In deze betrokken opiniebijdrage stelt Erwin Raphaëla de vraag waarom zo veel jonge Curaçaoënaars voorgoed naar Nederland vertrekken. Volgens hem ligt het antwoord niet alleen in de aantrekkingskracht van betere kansen in Europa, maar vooral in het gemis van een samenhangend jeugd- en buurtbeleid op het eiland zelf. Raphaëla pleit voor herwaardering van de wijk als basis voor identiteitsvorming en gemeenschapszin, en waarschuwt voor de gevolgen van bestuurlijk falen en culturele vervreemding.


Door | Erwin Raphaela

Met het oog op de toenemende vergrijzing op Curaçao is deze vraag uiterst relevant. Het is niet alleen zaak om hierop een antwoord te vinden, maar vooral om snel met concrete oplossingen te komen. Het moment is aangebroken om serieus na te denken over de toekomst van Curaçao, en daarbij de noodzakelijke stappen te zetten om een leefbaar niveau van welzijn en welvaart te garanderen.

Het vertrek van jongeren uit Curaçao naar Nederland wordt vooral ingegeven door hoop en verlangen naar een betere toekomst. De verwachtingen richten zich op werk, studie, huisvesting – kortom, op deelname aan een samenleving met een hogere levensstandaard. Eenmaal aangekomen in Nederland krijgt deze jeugd inderdaad toegang tot meer kansen, mede dankzij de openheid van andere Europese landen. Veel Curaçaoënaars belanden haast ongemerkt in België of Duitsland en slagen erin daar een beter bestaan op te bouwen. Ze stichten een gezin en kiezen er uiteindelijk voor om voorgoed te blijven.

Toch is het leven in Nederland en Europa allesbehalve rozengeur en maneschijn. Emigranten krijgen te maken met toenemende afkeer tegenover asielzoekers, migranten en mensen met een andere etnische achtergrond. In Nederland, Duitsland, België en andere Europese landen leidt de instroom van niet-Europese inwoners tot maatschappelijke spanningen. Bepaalde politici voeren bewust felle campagnes tegen de toelating van vreemdelingen, wat leidt tot discriminatie en racistische uitlatingen. De huidige situatie in Europa en de ontwikkelingen die eraan komen, stemmen tot grote zorg: de toekomst is onzeker.

Wat Curaçao betreft, moeten we erkennen dat veel bindende elementen van de Curaçaose identiteit en cultuur verloren zijn gegaan. Denk aan de ooit indrukwekkende voetbalcompetities in de wijken, met clubs als Scherpenheuvel, Jong Holland, Jong Colombia, SUBT, Vesta, Centro Dominguito, Veendam, Undeba en anderen. Deze clubs vertegenwoordigden de trots van hun wijk en bevorderden saamhorigheid.

We denken ook met weemoed terug aan de tijd van de ‘beatbands’: muzikale buurtgroepen vol bruisend talent en creatieve expressie. De viering van de Eerste Heilige Communie thuis was vroeger een echt buurtfeest, waar iedereen aan meedeed. Ook de rol van jeugdorganisaties als Jonge Wacht en Verkennerij mag niet worden onderschat: zij boden jongeren uit dezelfde wijk een plek om elkaar te ontmoeten en vriendschappen op te bouwen. Zelfs Koninginnedag werd destijds gevierd met spelletjes en culturele activiteiten in de wijken.

Met bovenstaande voorbeelden wil ik aangeven dat veel jongeren die tegenwoordig het eiland verlaten richting Nederland, nauwelijks nog culturele of identitaire bagage van Curaçao met zich meedragen. Het eiland heeft hier onvoldoende aan bijgedragen. Tot op de dag van vandaag lijken onze bestuurders niet te beseffen hoe belangrijk de rol van de wijk is in de vorming en opvoeding van de Curaçaoënaar.

Er is geen jeugdbeleid meer. Maatschappelijk werkers en opbouwwerkers zijn uit de wijken verdwenen. Het is zeldzaam dat er wordt gesproken over buurtgericht beleid. Ondertussen zijn grote stukken grond in rap tempo opgekocht door buitenlandse investeerders.

Na enkele jaren in Nederland is het dan ook niet verwonderlijk dat degene die Curaçao verliet, volledig vervreemd raakt van het eiland en nog maar weinig affiniteit of verbondenheid voelt.

Gelet op al het bovenstaande is er meer dan ooit dringend behoefte aan geschikte politici en bekwame bestuurders. Anders zal het eiland onherroepelijk ten onder gaan aan armoede, criminaliteit en corruptie. Er moet een einde komen aan het gedrag van “ieder voor zich, God voor ons allen”. In plaats daarvan moeten we bouwen aan een betere toekomst voor de gehele Curaçaose bevolking – en daarin is de jeugd onmisbaar.

Begin daarom met de wijk te beschouwen als een instrument voor ontwikkeling.


18 keer gelezen

Deel dit artikel: